NEDERLANDS
🇨🇳

Meehelpen

动词

助动词

hebben

scheidbaar werkwoord, regelmatig (met onregelmatige verleden tijd)

Het werkwoord 'meehelpen' wordt vaak gebruikt om aan te geven dat iemand assisteert of deelneemt aan een gezamenlijke taak of activiteit.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

例句

  • Ik help vandaag mee in de keuken.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Heb je gisteren meegeholpen met de verhuizing?

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Als iedereen meehelpt, zijn we snel klaar.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Help je mee met het versieren van de kerstboom?

    tegenwoordige tijd, vragende wijs

  • Zij hielpen mee om de straat schoon te maken.

    verleden tijd, aantonende wijs

继续学习

我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。