(twee zaken of personen worden tegelijkertijd ontkend)
Ik lust noch spruitjes noch bloemkool.
Hij heeft noch broers noch zussen.
Omdat hij noch tijd noch zin had, ging hij niet naar het feest.
Lust je noch spinazie noch wortelen?
Ik lust noch appels noch peren.
Hij heeft noch het een noch het ander gedaan, dus beide taken zijn nog open.
Hij wilde gisteren noch naar de film noch naar het concert.
Tijdens de vergadering had hij noch vragen noch opmerkingen.
Ik drink 's ochtends noch koffie noch thee, alleen water.
Koop noch melk noch boter!
Ik heb noch een pen noch een potlood bij me.
Ik ben noch voor noch tegen het voorstel.
Ik eet noch vis noch vlees.
Zij zal morgen noch werken noch studeren.
Op het feestje kende ze noch de gastheer noch de andere gasten.
Ze houdt noch van koffie, noch van thee.
Zij heeft noch interesse noch motivatie om mee te doen.
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。