(een christelijke feestdag in het voorjaar)
Op paasdag gaan we altijd naar de kerk.
De kinderen zoeken paaseieren op paasdag.
Vorig jaar vierden we paasdag bij mijn grootouders.
We gaan op paasdag altijd bij vrienden langs voor een kopje koffie.
De paasbrunch is een traditie die bij paasdag hoort.
Op paasdag drinken we vaak chocolademelk bij het ontbijt.
We vieren paasdag altijd met een lange wandeling.
Ga je dit jaar naar de kerk op paasdag?
Hoewel paasdag een religieuze betekenis heeft, vieren veel mensen het ook met familie.
Op paasdag is het altijd: 'Wie het eerst komt, wie het eerst maalt!' met de paaseieren.
Paasdag is een belangrijke feestdag voor christenen.
Paasdag valt altijd in het voorjaar, en het is vaak lekker weer.
Vergeet niet om paaseieren te verstoppen voor paasdag!
Op deze feestdag, ook wel Pasen genoemd, vieren we de opstanding van Jezus.
Volgend jaar zal paasdag op een zondag in april vallen.
Tijdens de paasdagviering op school maken de kinderen paasknutsels.
Op paasdag eten we een uitgebreid ontbijt met paasham.
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。