Ik wil niet pijnen aan het einde van de dag.
De pijnend gevoel in mijn rug houdt me wakker.
De pijnende spieren maken het moeilijk om te bewegen.
Ik heb de afgelopen weken veel gepijnd door de hoofd pijn.
ik
Ik pijn in mijn arm.
jij / je, u
Jij pijn in je knie tijdens het sporten.
hij, zij / ze, het
Het pijnt echt als ik dit doe.
wij / we
Wij pijnen soms als we teveel zitten.
jullie
Jullie pijnen ook als je deze oefening te veel doet.
Gisteren pijnde mijn hoofd heel erg.
Jij pijnde ook na de lange rit.
Zij pijnde de hele dag door de kou.
Wij pijnden na de zware training.
Jullie pijnden tijdens de marathon.
Als het pijn doet, pijne niet.
Pijn het niet te veel, neem een pauze!
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。