(mensen spelen een partijtje tennis)
We tennissen elke zaterdagochtend op de club.
Heb je gisteren getennist met je broer?
Als het mooi weer is, tennissen we meestal in het weekend.
Vorige week hebben we getennist in de regen.
Na het werk ga ik vaak even tennissen om te ontspannen.
Ik tennis elke dinsdag met mijn collega's.
Tennis eens met je zus, zij wil ook graag spelen!
Tennis jij ook weleens in het weekend?
Volgende maand zal ik weer tennissen met mijn vriend.
Zij tennist op hoog niveau.
Hij tennist elke dag, want hij wil beter worden.
Tijdens de gymles hebben we getennist op een klein veldje.
Ze speelt vaak een partijtje tennis met haar vriendinnen.
Ik tennis graag in het park.
Op het bedrijfsuitje hebben we een potje getennist.
De tennisbaan is vandaag bezet, dus we moeten wachten.
Hij tennist alsof zijn leven ervan afhangt!
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。