助动词
hebben
regelmatig werkwoord (met scheidbaar voorvoegsel 'uit')
Het werkwoord 'uitstellen' betekent het verplaatsen van een actie of gebeurtenis naar een later tijdstip. Het kan zowel neutraal als negatief gebruikt worden, afhankelijk van de context.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
例句
Ik stel mijn huiswerk uit omdat ik moe ben.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Wij hebben de reis uitgesteld vanwege het slechte weer.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Stel je beslissing niet uit!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Hoewel hij het uitstelt, moet hij het werk toch doen.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。