NEDERLANDS
🇨🇳

Uittrekken

动词

助动词

hebben

scheidbaar werkwoord, onregelmatig in verleden tijd en voltooid deelwoord

Het werkwoord 'uittrekken' kan zowel letterlijk (kledingstukken uittrekken) als figuurlijk (bijv. troepen uittrekken) gebruikt worden.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

  • ik

  • jij / je

  • hij, zij / ze, het

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

例句

  • Ik trek mijn sokken uit omdat ze nat zijn.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij trok zijn trui uit toen hij binnenkwam.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Trek je schoenen uit voordat je op het tapijt stapt!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • We hebben onze jassen uitgetrokken omdat het zo warm was.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Het is belangrijk dat je je handschoenen uittrekke voordat je gaat eten.

    tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。