Infinitief
Tegenwoordig deelwoord
Beispiele
Ik kijk altijd af bij de leraar als ik het niet begrijp.
tegenwoordige tijd (ik kijk af), indicatief
Gisteren keek ik af van mijn klasgenoot.
verleden tijd (keek af), indicatief
Als je niet kunt antwoorden, kijk dan af.
gebiedende wijs (kijk af), imperatief
Zij keken af tijdens de toets.
verleden tijd (keken af), indicatief
Hij heeft het afgekeken van een boek.
voltooid deelwoord (afgekeken), indicatief
U kijkt toch af van de juiste bron?
tegenwoordige tijd (u kijkt af), indicatief
Jullie kijke af om betere cijfers te krijgen.
aanvoegende wijs (kijke af), conjunctief
Dieses Wörterbuch ist KI-generiert — das einzige vollständige niederländische Lernerwörterbuch seiner Art. Ich aktualisiere gerade auf die neuesten KI-Modelle, daher kann es gelegentlich Fehler geben. Wenn etwas seltsam aussieht, vertraue deinem Instinkt.