deCommon Noun

Singularformen

Agenda is een zelfstandig naamwoord dat verwijst naar een boek of document voor het opschrijven van afspraken.

Bestimmt (de/het)
de agenda
"De agenda staat vol met afspraken."
Unbestimmt (een)
een agenda
"Ik heb een agenda gekocht."
Ohne Artikel
agenda
"Agenda is belangrijk voor organisatie."

Pluralformen

Agenda's is de meervoudsvorm en wordt gebruikt om te verwijzen naar meerdere documenten voor afspraken.

Bestimmt (de)
de agenda's
"De agenda's zijn handig voor planning."
Ohne Artikel
agenda's
"Er liggen agenda's op tafel."

Verkleinerungsform

agendaatje
"Een agendaatje is leuk voor kinderen."

Diminutief gebruikt voor een kleinere of schattige versie.

informal

HĂ€ufige Komposita

  • agenda-item

    "We bespreken elk agenda-item."

    onderdeel van een agenda

  • werkagenda

    "Ik moet mijn werkagenda bijwerken."

    agenda voor werkafspraken

HĂ€ufige Wortkombinationen

  • in de agenda zetten

    "Zet het in de agenda zetten zodat je het niet vergeet."

    Dit betekent iets noteren in de agenda.

  • een agenda bijhouden

    "Het is belangrijk om een agenda bij te houden."

    Dit betekent om je afspraken en taken te organiseren.

Wichtige Hinweise

  • countability:Agenda is een telbaar zelfstandig naamwoord, het heeft een meervoudsvorm.
  • register:In formele situaties zoals vergaderingen wordt 'agenda' vaak gebruikt, terwijl in informele gesprekken 'agenda' ook vaak voorkomt.

Dieses Wörterbuch ist KI-generiert — das einzige vollstĂ€ndige niederlĂ€ndische Lernerwörterbuch seiner Art. Ich aktualisiere gerade auf die neuesten KI-Modelle, daher kann es gelegentlich Fehler geben. Wenn etwas seltsam aussieht, vertraue deinem Instinkt.