deCommon Noun

Singularformen

Het woord 'arm' verwijst naar het lichaamsdeel dat vanaf de schouder naar de hand loopt.

Bestimmt (de/het)
de arm
"De arm is gebroken."
Unbestimmt (een)
een arm
"Ik heb een pijn in mijn arm."
Ohne Artikel
arm
"Arm is een belangrijk lichaamsdeel."

Pluralformen

De armen verwijzen naar meerdere lichaamsdelen.

Bestimmt (de)
de armen
"De armen zijn sterk."
Ohne Artikel
armen
"Ik heb geen armen gezien."

Verkleinerungsform

armpje
"Hij heeft een schattig armpje."

Diminutief maakt het woord schattiger of kleiner.

informal

Häufige Komposita

  • armstoel

    "Ik zit graag in mijn armstoel."

    Een stoel met armsteunen.

  • armband

    "Zij draagt een mooie armband."

    Een sieraad voor om de arm.

Häufige Wortkombinationen

  • gebroken arm

    "Hij heeft een gebroken arm."

    Een veelvoorkomende uitdrukking voor een verwonding.

  • zwakke arm

    "Ze heeft een zwakke arm na de operatie."

    Geeft aan dat de arm niet sterk is.

Wichtige Hinweise

  • countability:'Arm' is een telbaar zelfstandig naamwoord.
  • usage:Gecombineerd met woorden zoals 'stoel' en 'band' voor specifieke betekenissen.
  • register:Het woord wordt meestal in informele spreektaal gebruikt, maar ook in formele contexten.
  • irregular:Geen onregelmatige vormen, maar het meervoud is belangrijk om te leren.

Dieses Wörterbuch ist KI-generiert — das einzige vollständige niederländische Lernerwörterbuch seiner Art. Ich aktualisiere gerade auf die neuesten KI-Modelle, daher kann es gelegentlich Fehler geben. Wenn etwas seltsam aussieht, vertraue deinem Instinkt.