deAdjective

Attributive Formen

Als je zegt 'de arme man' of 'een arme vrouw', gebruik je 'arme' vóór het zelfstandig naamwoord.

Mit bestimmtem Artikel
de arme
"De arme man heeft geen geld."
Mit unbestimmtem Artikel
een arme
"Een arme vrouw heeft hulp nodig."
Ohne Artikel
arm
"Dat is arm."

Prädikative Form

Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'arm': Hij is arm.

arm
"Hij is arm."

Komparativ

Gebruik 'armer' om te vergelijken: Zij is armer dan hem.

Grundform
armer
"Zij is armer dan ik."
Mit „dan"
armere
"Deze wijk is armere dan de andere."

Superlativ

Gebruik 'armste' als je het hebt over de hoogste graad van armoede: Hij is de armste persoon.

Attributiv
de armste
"Hij is de armste in de klas."
Prädikativ
armst
"Hij is het armst van allemaal."

Wichtige Hinweise

  • usage:'Arme' wordt vaak gebruikt om te verwijzen naar mensen die financiële problemen hebben.
  • irregular:De vergrotende en overtreffende trap volgen een andere vorm en zijn niet gewoon opgebouwd.

Dieses Wörterbuch ist KI-generiert — das einzige vollständige niederländische Lernerwörterbuch seiner Art. Ich aktualisiere gerade auf die neuesten KI-Modelle, daher kann es gelegentlich Fehler geben. Wenn etwas seltsam aussieht, vertraue deinem Instinkt.