NEDERLANDS
🇩🇪

Bevallen

Verb

Hilfsverb

zijn (voor de betekenis 'een kind krijgen') / hebben (voor de betekenis 'behagen')

onregelmatig werkwoord, kan zowel transitief als intransitief gebruikt worden

Het werkwoord 'bevallen' heeft twee betekenissen: 1) een kind ter wereld brengen (intransitief, met 'zijn' als hulpwerkwoord), 2) iemand behagen of bevallen (intransitief, met 'hebben' als hulpwerkwoord).

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Beispiele

  • Zij bevalt volgende week van haar eerste kind.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Het nieuwe restaurant beviel ons uitstekend.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Ik hoop dat de film je bevalt.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zij is vorig jaar van een tweeling bevallen.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

Ich habe dieses Wörterbuch als die vollständigste niederländische Lernressource seiner Art gebaut. Definitionen und Beispiele werden generiert, daher kann es gelegentlich Fehler geben — vertraue deinem Instinkt.