Blok
deblok
Substantivhet blokken; de bloktijd
zelfstandig naamwoord (m)
het blokken; de bloktijd
hetblok
Substantivhoekig voorwerp
voorwerp/stuk materiaal
Een stevig, meestal hoekig voorwerp of een groot stuk materiaal, bijvoorbeeld van hout, steen of kaas.
Het blok hout lag naast de zaag.
gedeelte/sectie
Een duidelijk afgebakend deel van iets abstracts, zoals een stuk tekst, een schema of een rooster.
Het blok tekst op de pagina is te groot.
houten blokblok kaasstapel blokkenblok tekstappartementenblok