NEDERLANDS
↓↑Enter →
  • 11Breuk(de)
    Substantivgebroken deel bot
  • 22Breuk(de)
    Substantivwiskundige deling getal

Durchsuchen

WörterbuchWortschatzMeine WörterZuletzt gesuchte Wörter
NEDERLANDS
↓↑Enter →
🇩🇪
  • 11Breuk(de)
    Substantivgebroken deel bot
  • 22Breuk(de)
    Substantivwiskundige deling getal
  1. NEDERLANDS
  2. /Wörterbuch
  3. /Breuk
WörterbuchBreuk

Breuk

  • debreuk

    Substantiv

    gebroken deel bot

    1. barst of scheur in een hard voorwerp waardoor het in stukken gaatHet kopje heeft een breuk en kan niet meer gebruikt worden.
    2. onderbreking of beëindiging van een relatie of samenwerkingEr ontstond een breuk tussen de twee vrienden na het misverstand.
    3. wiskundige uitdrukking van een deling, zoals 3/4Een breuk bestaat uit een teller en een noemer.
    4. medische term voor een gebroken botDe dokter zegt dat ik een breuk in mijn been heb.
  • debreuk

    Substantiv

    wiskundige deling getal

    1. plaats waar iets gebroken is of kapotgaatEr is een breuk in mijn favoriete kopje.
    2. wiskundige uitdrukking van een delingEen breuk bestaat uit een teller en een noemer.
    3. plotselinge onderbreking van een relatie of samenwerkingEr ontstond een breuk tussen de twee vrienden na de ruzie.

Verwandte Wörter

breukenbreukjebreukjes

Weiterlernen

Mehr B2-WörterÜben