NEDERLANDS
🇩🇪

Woordenlijst

Die häufigsten niederländischen Wörter, sortiert nach ihrem Vorkommen in der Alltagssprache. Basierend auf dem SUBTLEX-NL-Korpus — 44 Millionen Wörter aus niederländischen Film- und Fernsehuntertiteln.

1–50 von 3051 Wörtern

Top 100 — die Grundbausteine des Niederländischen
1neeinterj. — afkeuring of ontkenning
2ofconj. — of keuze of alternatief
Top 500 — wichtige Alltagswörter
3gezienv. — iets waarnemen
4zonderconj. — maar niet
5wantv. — willen hebben
6ogenv. — lichte zintuigen voor zicht
7latern. — een tijd of periode
Top 1.000 — Konversationswortschatz
8noemenv. — iemand een naam geven
9getrouwdadj. — getrouwd zijn
10verlorenn. — geen winst
11geleerdadj. — vaardigheid opdoen
12lulv. — praten zonder doel
Top 5.000 — umfassender Wortschatz
13meestpron. — overtreffende trap van 'veel'; het grootste deel
14aangenaamadj. — prettig en leuk
15mamiljoen jaar geleden
16missien. — doel van organisatie
17roepn. — een uitroep of aanklacht
18planeetn. — hemellichaam om zon
19sukkelv. — moeizaam doen
20heiligev. — tot heilige maken
21kluisv. — van financiële instellingen
22schotn. — zeilboot onderdeel
23magien. — kunst van toveren
24prettigeadj. — aangenaam en fijn
25coachv. — begeleiden trainen
26chefn. — leidinggevende persoon
27gaven. — natuurlijk talent
28wedn. — gok bedrag
29nnewton symbool
30cliëntn. — persoon die dienst ontvangt
31geheugenn. — informatiesysteem in hoofd
32keizern. — heerser van een rijk
33gereedv. — oorzaak van iets
34beeldenn. — standbeeld sculptuur
35renn. — hardloper dier
36schepenadv. — te water
37genien. — militair ingenieurswezen
38besefv. — zich realiseren
39zichtn. — uiterlijk van iets
40uniformadj. — gelijkvormig
41verdedigingn. — bescherming tegen aanval
42despron. — derde persoon enkelvoud
43shirtn. — kledingstuk bovenlichaam
44hieruitadv. — van deze plaats
45helikopterv. — met helikopter vervoeren
46marinen. — zeemacht
47briljantn. — diamant vorm
48gijn. — oude titel
49marsn. — mythische figuur romeinse god van de
50ladingn. — vracht in voertuig