Doorbreken
Hilfsverb
hebben of zijn (afhankelijk van de context: 'hebben' voor transitief gebruik, 'zijn' voor intransitief gebruik)
Sterk werkwoord (onregelmatig in de verleden tijd en voltooid deelwoord), separabel (kan gesplitst worden: 'doorbreken' → 'breek door') en onseparabel (kan ook als 'doorbreken' gebruikt worden).
'Doorbreken' kan zowel letterlijk (fysiek door iets heen breken) als figuurlijk (een barrière of grens overwinnen) gebruikt worden.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
ik
jij / je
u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Beispiele
De demonstranten braken door de politiebarricades.
verleden tijd, aantonende wijs
Als je doorbreekt in deze industrie, heb je veel kansen.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
De zon is eindelijk doorgebroken na dagen van regen.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Breek door je angst en durf te spreken!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Hoewel hij doorbreke, blijft het een moeilijke weg.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
Ich habe dieses Wörterbuch als die vollständigste niederländische Lernressource seiner Art gebaut. Definitionen und Beispiele werden generiert, daher kann es gelegentlich Fehler geben — vertraue deinem Instinkt.