Adjective

Attributive Formen

Als je zegt 'de dorre plant' of 'een dorre boom', gebruik je 'dorre' vóór het zelfstandig naamwoord.

Mit bestimmtem Artikel
de dorre plant
"De dorre plant is bruin."
Mit unbestimmtem Artikel
een dorre boom
"Een dorre boom heeft geen bladeren."
Ohne Artikel
dorre
"Dorre takken vallen van de boom."

Prädikative Form

Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'dor': De plant is dor.

dorst
"Ik heb dorst na het sporten."

Komparativ

Als je gaat vergelijken, gebruik je 'dorder': Deze plant is dorder dan de andere.

Grundform
dorder
"Deze plant is dorder dan die andere."
Mit „dan"
dordere
"De dordere bladeren zijn niet gezond."

Superlativ

In de overtreffende trap zeg je 'de dorste takken': Dit zijn de dorste takken in de tuin.

Attributiv
de dorste takken
"De dorste takken vallen vroeg af."
Prädikativ
dorste
"Dit is de dorste boom in de tuin."

Wichtige Hinweise

  • irregular:De comparatieve en superlatieve vormen zijn niet vaak gebruikt in gewoon Nederlands.
  • usage:'Dor' wordt vaak gebruikt om planten of bladeren te beschrijven die zijn verwelkt.
  • spelling:Let op de spelling van de comparatieve en superlatieve, ze veranderen van vorm.

Dieses Wörterbuch ist KI-generiert — das einzige vollständige niederländische Lernerwörterbuch seiner Art. Ich aktualisiere gerade auf die neuesten KI-Modelle, daher kann es gelegentlich Fehler geben. Wenn etwas seltsam aussieht, vertraue deinem Instinkt.