Duiken
Hilfsverb
hebben of zijn
onregelmatig werkwoord, sterk werkwoord (klankverandering in de verleden tijd)
Het werkwoord 'duiken' kan zowel letterlijk (in water springen) als figuurlijk (snel ergens induiken, bijvoorbeeld in een boek) gebruikt worden.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
Beispiele
Ik duik elke ochtend in het zwembad voordat ik ga werken.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Gisteren dook hij van de rotsen af.
verleden tijd, aantonende wijs
Zij zijn gisteren in het meer gedoken.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Duik voorzichtig, het water is koud!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Hij hoopt dat zij veilig duike tijdens haar duikexpeditie.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
Ich habe dieses Wörterbuch als die vollständigste niederländische Lernressource seiner Art gebaut. Definitionen und Beispiele werden generiert, daher kann es gelegentlich Fehler geben — vertraue deinem Instinkt.