Infinitief Ik wil frauderen om snel geld te verdienen.
Tegenwoordig deelwoord De mannen zijn frauderend bezig met hun plannen.
De frauderende onderneming wordt onderzocht door de autoriteiten.
Tegenwoordige tijd ik
Ik fraudeer nooit, dat is niet eerlijk.
jij / je
Jij fraudeert als je liegt over je inkomen.
u
U fraudeert, dat kan ernstige gevolgen hebben.
hij
Hij fraudeert op zijn belastingaangifte.
zij / ze
Zij fraudeert met haar uitgaven.
het
Het bedrijf fraudeert met zijn cijfers.
wij / we
Wij frauderen nooit, dat is tegen onze principes.
jullie
Jullie frauderen als jullie niet eerlijk zijn.
Verleden tijd ik
Ik fraudeerde vroeger, maar dat was een fout.
jij / je
Jij fraudeerde en dat werd ontdekt.
u
U fraudeerde jarenlang en nu bent u aangeklaagd.
hij
Hij fraudeerde tijdens zijn werk.
zij / ze
Zij fraudeerde en dat had grote gevolgen.
het
Het systeem fraudeerde niet eerder.
wij / we
Wij fraudeerden als team, wat verkeerd was.
jullie
Jullie fraudeerden en zijn gepakt.
Voltooid deelwoord Er is gefraudeerd met de documenten.
Aanvoegende wijs Als hij fraudere, dan zou hij niet vertrouwd worden.
Gebiedende wijs Fraudeer nooit, dat is verkeerd.
Ich habe dieses Wörterbuch als die vollständigste niederländische Lernressource seiner Art gebaut. Definitionen und Beispiele werden generiert, daher kann es gelegentlich Fehler geben — vertraue deinem Instinkt.