Singularformen
'geneuzel' is een zelfstandig naamwoord in het enkelvoud en wordt gebruikt voor praat of geklaag over onbelangrijke dingen.
- Bestimmt (de/het)
- het geneuzel
- "Het geneuzel tijdens de vergadering was vervelend."
- Unbestimmt (een)
- een geneuzel
- "Een geneuzel over kleine details is niet nodig."
- Ohne Artikel
- geneuzel
- "Geneuzel kan snel de goede sfeer verpesten."
Pluralformen
De pluralis 'geneuzels' verwijst naar meerdere gevallen van geneuzel.
- Bestimmt (de)
- de geneuzels
- "De geneuzels die hij maakt zijn vaak onzinnig."
- Ohne Artikel
- geneuzels
- "Geneuzels over bedragen leiden vaak tot misverstanden."
Verkleinerungsform
Het diminutief geeft een negatieve connotatie en maakt het woord minder serieus.
informal
Häufige Komposita
afgeneuzel
"Het afgeneuzel over het weer is niet nodig."
het voortdurend klagen of zeuren over iets.
politiek geneuzel
"Het politiek geneuzel leidt tot niets goeds."
onnodige discussies over politieke zaken.
Häufige Wortkombinationen
geneuzel maken
"Hij maakt altijd veel geneuzel tijdens onze gesprekken."
Dit betekent dat iemand veel praat over onbelangrijke zaken.
geneuzel over
"We hadden geneuzel over de plannen voor vanavond."
Dit verwijst naar onzinnige discussies over een onderwerp.
Wichtige Hinweise
- usage:'Geneuzel' wordt vaak gebruikt in een negatieve context, bij het verwijzen naar onnodige of saaie gesprekken.
- countability:'Geneuzel' is een oncountable noun; je spreekt niet van 'een geneuzel' in de zin van een individueel geval, maar eerder van het concept of de handeling van geneuzelen.
Dieses Wörterbuch ist KI-generiert — das einzige vollständige niederländische Lernerwörterbuch seiner Art. Ich aktualisiere gerade auf die neuesten KI-Modelle, daher kann es gelegentlich Fehler geben. Wenn etwas seltsam aussieht, vertraue deinem Instinkt.