Hoek
hoeken
Verbvia een hoek slaan
- een bal of voorwerp via of naar een hoek spelen of schietenHij hoekte de bal razendsnel in het net.
hoek
Präpositionop de hoek van
- op de hoek van een straat of kruising, gebruikt bij adressenDe nieuwe winkel opent hoek Keizersgracht.
dehoek
Substantivplek waar zijden samenkomen
- de plek waar twee muren, zijden of straten elkaar rakenDe lamp staat in de hoek naast de bank.
- de ruimte tussen twee lijnen die elkaar raken, gemeten in gradenDe driehoek had drie gelijke hoeken van zestig graden.
- een bepaald gebied of richting waaruit iets komtUit die hoek had ik geen kritiek verwacht.
- een bepaald gezichtspunt of benadering van een onderwerpAls we het van een andere hoek bekijken, klopt het wel.