NEDERLANDS
🇩🇪
  • Hotelkamer(de)
    Substantivkamer in een hotel

Hotelkamer

  • dehotelkamer

    Substantiv

    kamer in een hotel

    1. accommodatie

      Kamer in een hotel waar gasten overnachten.

      De hotelkamer was groot en schoon.

    hotelkamer boekenhotelkamer reserverentweepersoons hotelkamereenpersoons hotelkamerhotelkamer met uitzicht

Weiterlernen