NEDERLANDS
🇩🇪

Jaargetijde

hetSubstantiv

Singularformen

'Jaargetijde' wordt meestal in het enkelvoud gebruikt als je over één specifiek seizoen praat, zoals 'de lente' of 'de zomer'. Het woord zelf betekent 'seizoen'.

Bestimmt (de/het)
Unbestimmt (een)
Ohne Artikel

Pluralformen

In het meervoud, 'jaargetijden', praat je over meerdere seizoenen of alle seizoenen samen.

Bestimmt (de)
Ohne Artikel

Verkleinerungsform

Het diminutief 'jaargetijdje' wordt zelden gebruikt en klinkt erg informeel of poëtisch. Het kan een gevoel van tederheid of vertedering uitdrukken.

informeel/poëtisch

Häufige Komposita

  • lentejaar

    een jaar dat speciaal is vanwege de lente (minder gebruikelijk)

  • zomerseizoen

    het seizoen van de zomer

  • herfstkleuren

    de typische kleuren van de herfst

  • wintertijd

    de periode van de winter, ook gebruikt voor de tijdsverandering in de winter

Häufige Wortkombinationen

  • vier

    'Jaargetijde' wordt vaak gecombineerd met 'vier' omdat er vier jaargetijden zijn: lente, zomer, herfst en winter.

  • wisselen

    'Wisselen' wordt gebruikt om aan te geven dat de jaargetijden elkaar opvolgen.

  • kenmerkend

    'Kenmerkend' wordt gebruikt om de unieke eigenschappen van elk jaargetijde te beschrijven.

  • verandering

    'Verandering' benadrukt de overgang van het ene jaargetijde naar het andere.

Wichtige Hinweise

  • usage:'Jaargetijde' wordt vaak vervangen door de specifieke namen van de seizoenen (lente, zomer, herfst, winter) in dagelijks taalgebruik.
  • countability:'Jaargetijde' is telbaar. Je kunt spreken over 'één jaargetijde' of 'vier jaargetijden'.

Weiterlernen

Ich habe dieses Wörterbuch als die vollständigste niederländische Lernressource seiner Art gebaut. Definitionen und Beispiele werden generiert, daher kann es gelegentlich Fehler geben — vertraue deinem Instinkt.