deCommon Noun

Singularformen

Het woord 'label' is een zelfstandig naamwoord. Het is een neutraal woord (het) en wordt vaak gebruikt voor identificatie.

Bestimmt (de/het)
het label
"Het label op de doos zegt wat erin zit."
Unbestimmt (een)
een label
"Ik heb een label gemaakt voor mijn planten."
Ohne Artikel
label
"Een label geeft informatie."

Pluralformen

De meervoudsvorm is 'labels'.

Bestimmt (de)
de labels
"De labels hangen aan de kledingstukken."
Ohne Artikel
labels
"Er zijn verschillende labels voor deze producten."

Verkleinerungsform

labeltje
"Het labeltje was erg klein en moeilijk te lezen."

Het diminutief geeft een schattige of kleine connotatie.

informal

HĂ€ufige Komposita

  • labelprinter

    "Ik gebruik een labelprinter om mijn spullen te organiseren."

    Een apparaat om labels te printen.

  • labelmaker

    "De labelmaker is handig voor mijn kantoor."

    Een tool of apparaat om labels te maken.

HĂ€ufige Wortkombinationen

  • label aanbrengen

    "Ik heb het label aanbrengen op de fles."

    Dit betekent een label op iets plakken.

  • label controleren

    "Je moet het label controleren voor je het product koopt."

    Dit betekent de informatie op het label nakijken.

Wichtige Hinweise

  • countability:Label is een telbaar zelfstandig naamwoord, je kan meerdere labels hebben.
  • register:In formele teksten kan 'label' worden gebruikt, bijvoorbeeld in productbeschrijvingen.
  • usage:Het woord wordt vaak gebruikt in de context van producten, kleding en wijzen van identificatie.

Dieses Wörterbuch ist KI-generiert — das einzige vollstĂ€ndige niederlĂ€ndische Lernerwörterbuch seiner Art. Ich aktualisiere gerade auf die neuesten KI-Modelle, daher kann es gelegentlich Fehler geben. Wenn etwas seltsam aussieht, vertraue deinem Instinkt.