Adverb

Grundform

'Saam' betekent samen in het Nederlands. Het duidt op samenwerking of gezamenlijke actie.

saam
"Wij zijn saam gegaan."

Positionen im Satz

  • begin van de zin

    "Saam gaan wij naar het feest."

    Benadrukt samen zijn en gaan.

  • midden van de zin

    "Wij hebben saam veel plezier gehad."

    Legt nadruk op de gezamenlijke ervaring.

  • einde van de zin

    "Het was leuk, die avond, saam."

    Focus op het feit dat het samen leuk was.

Komparativ

saam-er
"Zij werken saam-er dan hun collega's."

Gebruikt voor de vergrotende trap van 'saam', maar minder gebruikelijk.

Superlativ

saam-st
"We zijn saam-st van allemaal."

Zeer zeldzaam en informeel, meestal is de superlatieven vorm niet noodzakelijk.

HĂ€ufige Kombinationen

  • with "feesten"

    "We feesten saam met vrienden."

    'Feesten' gaat vaak samen met 'saam' voor gezamenlijke bijeenkomsten.

  • with "werken"

    "Wij werken saam aan dit project."

    'Werken' impliceert samenwerking met anderen.

Ähnliche Wörter

  • samen

    "We gaan samen naar de winkel."

    Algemeen gebruikelijk in standaardtaal.

  • together

    "We are going together to the concert."

    Netter en formeler, meer gebruik in geschreven taal.

Wichtige Hinweise

  • irregular:'Saam' heeft geen volledige geregelde verbuigingen en is dus uniek.
  • usage:'Saam' wordt vooral gebruikt in informele contexten.
  • position:De plaatsing van 'saam' in een zin kan de nadruk op de samenwerking veranderen.
  • register:'Saam' is informeel en soms sneaky, voorkeursvorm in de spreektaal.

Dieses Wörterbuch ist KI-generiert — das einzige vollstĂ€ndige niederlĂ€ndische Lernerwörterbuch seiner Art. Ich aktualisiere gerade auf die neuesten KI-Modelle, daher kann es gelegentlich Fehler geben. Wenn etwas seltsam aussieht, vertraue deinem Instinkt.