deCommon Noun

Singularformen

Schaal is een zelfstandig naamwoord en kan een onbreekbare of breekbare kom of bord zijn.

Bestimmt (de/het)
de schaal
"De schaal is breekbaar."
Unbestimmt (een)
een schaal
"Ik heb een schaal gekocht."
Ohne Artikel
schaal
"De schaal is groot."

Pluralformen

Schalen zijn de meervoudsvorm van schaal.

Bestimmt (de)
de schalen
"De schalen staan op de tafel."
Ohne Artikel
schalen
"Er zijn verschillende schalen."

Verkleinerungsform

schaaltje
"Dit is een schaltje voor de saus."

Diminutief maakt het woord vriendelijker en kleiner.

informal

HĂ€ufige Komposita

  • schaalmodel

    "Hij heeft een schaalmodel van het vliegtuig gemaakt."

    een model in dezelfde verhouding als het origineel

  • schaalvergroting

    "Schaalvergroting kan leiden tot hogere efficiëntie."

    het vergroten van iets in verhouding

HĂ€ufige Wortkombinationen

  • schaal en mes

    "Je moet een schaal en mes gebruiken om de salade te snijden."

    Deze combinatie is gebruikelijk bij koken.

  • schaal van 1 tot 10

    "Beoordeel het op een schaal van 1 tot 10."

    Dit is een veelgebruikte uitdrukking voor beoordelen.

Wichtige Hinweise

  • countability:Schaal is een telbaar woord.
  • usage:Meestal gebruikt in de context van serviesgoed, koken of meten.
  • register:Formeel in situaties waarin precisie belangrijk is, zoals wetenschap; informeel in alledaagse gesprekken.

Dieses Wörterbuch ist KI-generiert — das einzige vollstĂ€ndige niederlĂ€ndische Lernerwörterbuch seiner Art. Ich aktualisiere gerade auf die neuesten KI-Modelle, daher kann es gelegentlich Fehler geben. Wenn etwas seltsam aussieht, vertraue deinem Instinkt.