Schuur
deschuur
Substantiveenvoudig buitengebouw om spullen of dieren in te bewaren
gebouw
Een meestal eenvoudig gebouw op een erf of in de tuin waar je gereedschap, fietsen, hooi, machines of soms dieren in bewaart.
We zetten de fietsen in de schuur.
schuurtje in de tuinoude schuurhouten schuurschuurdeurschuur bouwenschuren
Verbwrijven of wrijving veroorzaken
oppervlak
Een oppervlak ruw of glad maken door te wrijven, vaak met schuurpapier.
De timmerman schuurde de tafel met schuurpapier.
wrijving (letterlijk)
Twee dingen tegen elkaar laten wrijven, waardoor er slijtage of irritatie ontstaat.
Mijn jas schuurde tegen de deur toen ik naar binnen ging.
wrijving (figuurlijk)
Er is spanning of irritatie tussen mensen of ideeën.
Na het gesprek schuurde het tussen hen.
schuren met schuurpapierschuren tegengoed schurenlicht schurenschuren tot glad