NEDERLANDS
🇩🇪

Vlaggen

Verb

Hilfsverb

hebben

regelmatig werkwoord

Het werkwoord 'vlaggen' wordt vaak gebruikt in de context van nationale feestdagen, sportevenementen of officiële ceremonies. Het drukt meestal trots of viering uit.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Beispiele

  • De hele stad vlagt op 27 april.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Vorig jaar hebben we voor het eerst gevlagd tijdens het EK.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Als het Nederlands elftal wint, vlaggen wij altijd.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Vlag als je het eens bent met deze beslissing!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

Ich habe dieses Wörterbuch als die vollständigste niederländische Lernressource seiner Art gebaut. Definitionen und Beispiele werden generiert, daher kann es gelegentlich Fehler geben — vertraue deinem Instinkt.