Adjective

Attributive Formen

Als je zegt 'de wakkere man' of 'de wakkere vrouw', gebruik je 'wakkere' vóór het zelfstandig naamwoord.

Mit bestimmtem Artikel
de wakkere
"De wakkere man kan goed nadenken."
Mit unbestimmtem Artikel
een wakkere
"Ik heb een wakkere vriend."
Ohne Artikel
wak
"Hij is heel wak."

PrÀdikative Form

Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'wak': De man is wak.

wak
"De jongen is wak."

Komparativ

Bij de vergrotende trap gebruik je 'wakker': Ik voel me wakkerder dan voorheen.

Grundform
wakker
"Ik ben wakkerder dan gisteren."
Mit „dan"
wakker
"Zij is wakkerder dan de kinderen."

Superlativ

In de overtreffende trap gebruik je 'wakste': Dit is de wakste persoon in de groep.

Attributiv
wakste
"Hij is de wakste van de klas."
PrÀdikativ
wakst
"Die jongen is wakst van allemaal."

Wichtige Hinweise

  • usage:'Wak' wordt vaak gebruikt om een toestand van vermoeidheid of sufheid aan te duiden.
  • irregular:De comparatieve en superlatieve vormen zijn onregelmatig in de spelling.

Dieses Wörterbuch ist KI-generiert — das einzige vollstĂ€ndige niederlĂ€ndische Lernerwörterbuch seiner Art. Ich aktualisiere gerade auf die neuesten KI-Modelle, daher kann es gelegentlich Fehler geben. Wenn etwas seltsam aussieht, vertraue deinem Instinkt.