Wantrouwen
A2commonZipf 3.4
werkwoord; zelfstandig naamwoord, enkelvoud
wantrouwen
Verb/'wɑntrɔuwən; 'wɑntrɔuwə/infinitief
wantrouwentegenwoordige tijd
wantrouwwantrouwtwantrouwenverleden tijd
wantrouwdewantrouwdentegenwoordig deelwoord
wantrouwendwantrouwendehet wantrouwen
Substantiv/'wɑntrɔuwən; 'wɑntrɔuwə/enkelvoud
wantrouwen
Erstelle ein kostenloses Konto, um den vollständigen Eintrag für dieses Wort zu generieren.
Kostenlos. Kein Passwort.