deCommon Noun

Singularformen

Het weekend is het einde van de werkweek en begint op vrijdagavond.

Bestimmt (de/het)
het weekend
"Ik heb het weekend vrij."
Unbestimmt (een)
een weekend
"Ik heb een leuk weekend gehad."
Ohne Artikel
weekend
"Vrijdag is het weekend begonnen."

Pluralformen

De weekenden zijn meerdere dagen die als vrije tijd worden ervaren.

Bestimmt (de)
de weekenden
"De weekenden zijn altijd druk."
Ohne Artikel
weekenden
"Het zijn gezellige weekenden."

Verkleinerungsform

het weekendje
"We hebben een weekendje weg geboekt."

Het weekendje geeft een gevoel van iets kleins of schattigs.

informeel

HĂ€ufige Komposita

  • weekendtrip

    "We maken een weekendtrip naar Amsterdam."

    Een korte reis tijdens het weekend.

  • weekendhuisje

    "Ze hebben een weekendhuisje aan zee."

    Een klein huis waar je in het weekend verblijft.

HĂ€ufige Wortkombinationen

  • lang weekend

    "Volgende week is er een lang weekend."

    Een weekend dat langer is door een extra vrije dag.

  • weekend plannen

    "We moeten onze weekend plannen bespreken."

    Beslissingen maken over wat te doen in het weekend.

Wichtige Hinweise

  • countability:Weekend is telbaar, dus je kunt het in enkelvoud of meervoud gebruiken.
  • register:Het woord weekend wordt vaak informeel gebruikt, maar kan ook in minder formele teksten voorkomen.
  • usage:In Nederland beginnen de meeste mensen hun weekend op vrijdagavond en eindigen het op zondagavond.

Dieses Wörterbuch ist KI-generiert — das einzige vollstĂ€ndige niederlĂ€ndische Lernerwörterbuch seiner Art. Ich aktualisiere gerade auf die neuesten KI-Modelle, daher kann es gelegentlich Fehler geben. Wenn etwas seltsam aussieht, vertraue deinem Instinkt.