NEDERLANDS
🇬🇧

Aansteken

VerbA2

Auxiliary verb

hebben

onregelmatig werkwoord, separabel werkwoord

'Aansteken' kan zowel letterlijk (vuur maken) als figuurlijk (emoties of ziekten overdragen) gebruikt worden.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Verleden tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

  • jullie

Examples

  • Ik steek de barbecue aan om te beginnen met koken.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij stak gisteren het kampvuur aan tijdens het kamperen.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Zij heeft de kaarsen aangestoken voor de avondmaaltijd.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Steek de lamp aan, het is hier te donker!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.