Been
Singular forms
Het woord 'been' kan zowel naar een lichaamsdeel als naar een poot van een meubelstuk verwijzen. In het enkelvoud gebruik je 'het been' of 'een been'.
- Definite (de/het)
- Indefinite (een)
- Without article
Plural forms
In het meervoud gebruik je 'de benen'. Dit geldt voor zowel lichaamsdelen als meubelpoten.
- Definite (de)
- Without article
Diminutive form
Gebruikt om iets schattig, klein of kwetsbaar aan te duiden, vaak bij kinderen of dieren.
informeel
Common compounds
tafelbeen
een poot van een tafel
kippenbout
een stuk kip met been
beenmerg
het zachte weefsel in botten
beenbreuk
een breuk in een been
Common word combinations
breken
Gebruikt om aan te geven dat een been beschadigd is.
pijn doen
Gebruikt om pijn in het been aan te geven.
strekken
Gebruikt om aan te geven dat je je benen recht maakt.
kruis
Vaak gebruikt in combinatie met het kruis (lichaamsdeel).
Important notes
- irregular:Het meervoud van 'been' is 'benen', wat een onregelmatige meervoudsvorm is (geen -s of -en toevoeging met klinkerwisseling).
- usage:'Been' kan zowel voor menselijke/animalische ledematen als voor meubelpoten gebruikt worden. Context bepaalt de betekenis.
- countability:'Been' is telbaar. Je kunt zeggen 'één been', 'twee benen', enzovoort.
- register:In medische contexten wordt vaak 'onderste extremiteit' gebruikt in plaats van 'been' voor meer precisie.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.