NEDERLANDS
🇬🇧

Blaffen

VerbA1

Auxiliary verb

hebben

onovergankelijk werkwoord

Het werkwoord 'blaffen' wordt meestal gebruikt om het geluid van een hond te beschrijven, maar kan informeel ook gebruikt worden om aan te geven dat iemand hard praat of schreeuwt.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u, wij / we, jullie

  • hij, zij / ze, het

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • De hond blaft elke keer als de bel gaat.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Toen ik klein was, blafte onze hond altijd naar de katten in de tuin.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Heb je die hond horen blaffen vannacht?

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Blaf niet zo, je maakt de baby wakker!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.