NEDERLANDS
🇬🇧

Buschauffeur

deCommon nounA1

Singular forms

Het woord 'buschauffeur' is altijd mannelijk, ook als het over een vrouwelijke chauffeur gaat. In het enkelvoud gebruik je 'de buschauffeur' of 'een buschauffeur'.

Definite (de/het)
Indefinite (een)
Without article

Plural forms

In het meervoud wordt 'buschauffeurs' gebruikt. Het lidwoord is altijd 'de'.

Definite (de)
Without article

Diminutive form

Het diminutief wordt zelden gebruikt, maar kan een vriendelijke of speelse toon uitdrukken, vooral als het over een jonge of onervaren chauffeur gaat.

informeel

Common compounds

  • stadsbuschauffeur

    een buschauffeur die in de stad rijdt

  • streekbuschauffeur

    een buschauffeur die tussen steden of dorpen rijdt

  • tourbuschauffeur

    een buschauffeur die toeristen vervoert

  • buschauffeursuniform

    de kleding die een buschauffeur draagt

Common word combinations

  • dienst

    Dit woord wordt vaak gebruikt om de werktijd van een buschauffeur aan te geven.

  • rooster

    Het rooster geeft aan wanneer de buschauffeur moet werken.

  • passagier

    Een buschauffeur heeft altijd te maken met passagiers.

  • halte

    Een halte is de plek waar passagiers in- en uitstappen.

  • rijden

    Rijden is de belangrijkste taak van een buschauffeur.

Important notes

  • usage:Het woord 'buschauffeur' wordt bijna altijd gebruikt voor iemand die beroepsmatig een bus bestuurt. Voor iemand die af en toe een bus bestuurt, gebruik je eerder 'bestuurder' of 'chauffeur'.
  • countability:'Buschauffeur' is een telbaar zelfstandig naamwoord. Je kunt dus zeggen 'één buschauffeur', 'twee buschauffeurs', enzovoort.
  • register:In formele contexten (bijv. vacatures of officiële documenten) wordt soms 'chauffeur' gebruikt zonder 'bus'. Bijvoorbeeld: 'Wij zoeken een chauffeur voor onze touringcar'.

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.