(op vakantie gaan met het hele gezin)
We gaan deze zomer met de caravan naar Frankrijk.
Mijn ouders hebben een nieuwe caravan gekocht voor op de camping.
Hij koppelt de caravan achter de auto vast.
Vroeger gingen we elk jaar met de caravan naar Zeeland.
We hebben de caravan op de camping neergezet en gaan nu even zwemmen.
In de caravan is het klein maar gezellig, met een bed en een keukentje.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.