(iemand klaagt over problemen die maar blijven komen)
Wat een ellende met die kapotte wasmachine, nu moet ik alles met de hand wassen.
Na een week vol ellende op het werk was ik blij dat het weekend begon.
De ellende begon toen de verwarming in december kapotging.
Als je de hele administratie uitstelt, haal je jezelf alleen maar meer ellende op de hals.
Welke zin inspireerde dit schilderij?
(spreken over menselijk leed in ernstige omstandigheden)
De oorlog bracht veel ellende over de bevolking.
Zij heeft in haar jeugd veel ellende meegemaakt en is daardoor sterk geworden.
De beelden van de ellende in het rampgebied maakten diepe indruk op iedereen.
Na jaren van ellende kreeg hij eindelijk weer hoop op een beter leven.
(iets loopt mis en de spreker reageert geïrriteerd)
Ach, wat een ellende, ik heb mijn sleutels weer verloren.
Die hele verhuizing was één grote ellende van begin tot eind.
Wat een ellende, de trein is alweer vertraagd!
Het was één en al ellende die avond: eerst regen, toen file en daarna nog een lekke band.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.