Adjective

Attributive Forms

💡Als je zegt 'de gekke man' of 'een gekke situatie', gebruik je 'gekke' vóór het zelfstandig naamwoord.

With Definite Article
de gekke
"De gekke man danst."
With Indefinite Article
een gekke
"Een gekke hond blaft."
Without Article
gek
"Hij is gek."

Predicative Form

💡Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'gek': De man is gek.

gek
"Zij is gek."

Comparative

💡Voor de vergelijking gebruik je 'gekker': Hij is gekker dan de anderen.

Base Form
gekker
"Hij is gekker dan zijn broer."
With "dan"
gekker
"Deze grap is gekker."

Superlative

💡Als je de hoogste graad gebruikt, zeg je 'de gekste': Hij is de gekste van de groep.

Attributive
de gekste
"Hij is de gekste persoon hier."
Predicative
gekst
"Zij is de gekst."

Important Notes

  • usage:'Gek' wordt vaak gebruikt om een gek gedrag of situatie te beschrijven.
  • irregular:De comparatieve en superlatieve vormen van 'gek' zijn niet regelmatig.