Geloven
Auxiliary verb
hebben
regelmatig werkwoord
Het werkwoord 'geloven' kan zowel een religieuze betekenis hebben (geloof in God) als een algemene betekenis (geloof in jezelf).
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Examples
Ik geloof dat de trein vertraging heeft.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Geloofde je echt in die verhalen?
verleden tijd, aantonende wijs
Heb je ooit in magie geloofd?
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Geloof me, het is de waarheid!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.