(vechtpartij op straat of in een kroeg)
Na een paar biertjes ontstond er een gevecht voor de kroeg.
De politie moest het gevecht tussen de twee mannen beëindigen.
Er brak een gevecht uit op het schoolplein.
Het gevecht werd pas gestopt toen de buren de politie belden.
(oorlog of militaire operatie)
Tijdens het gevecht sneuvelden tientallen soldaten.
De gevechten aan het front duurden weken.
De soldaten bereidden zich voor op een lang gevecht.
Na het gevecht werden de gewonden naar het veldhospitaal gebracht.
(figuurlijk, tegen ziekte of moeilijkheden)
Haar gevecht tegen kanker heeft jaren geduurd.
Het was een zwaar gevecht om de eindjes aan elkaar te knopen.
Solliciteren is soms een gevecht tegen jezelf.
Hij heeft zijn gevecht tegen de verslaving gewonnen.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.