Verb
Auxiliary Verb
hebben
werkwoord
Grommen kan variëren van een uiting van onvrede tot een meer speelse communicatie.
Infinitief
Tegenwoordig deelwoord
ik, jij / je, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie
ik, jij / je, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij
zij / ze
het
wij / we
jullie
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij
zij / ze
het
wij / we
jullie