🇬🇧

Haast

Base form

'Haast' wordt gebruikt om aan te geven dat iemand weinig tijd heeft of snel iets moet doen. Het kan zowel een zelfstandig naamwoord als een bijwoord zijn, maar in deze context gaat het om het bijwoordelijke gebruik.

Positions in sentence

  • Begin van de zin (voor de persoonsvorm)

    Sterke nadruk op het haast hebben, vaak om een tegenstelling aan te geven.

  • Midden van de zin (na de persoonsvorm)

    Neutrale nadruk, meest voorkomende positie.

  • Eind van de zin

    Nadruk op de reden of gevolg, vaak in informele spraak.

Comparative

'Haastiger' wordt gebruikt om een vergelijking te maken tussen twee situaties waarin iemand meer haast heeft. Het is minder gebruikelijk dan 'haast' en klinkt iets formeler.

Superlative

'Meest haastig' is formeler en wordt vaker gebruikt in geschreven taal. 'Haastigst' is informeler en komt minder vaak voor.

Common combinations

  • with "hebben"

    'Haast hebben' is de meest voorkomende uitdrukking en betekent dat je weinig tijd hebt.

  • with "maken"

    'Geen haast maken' betekent dat je rustig aan kunt doen en niet snel hoeft te zijn.

  • with "met"

    'Met haast' beschrijft hoe iemand iets doet, namelijk snel en gehaast.

  • with "te"

    'Te haasten' betekent dat je snel iets moet doen, vaak omdat er weinig tijd is.

Similar words

  • snel

    'Snel' betekent dat iets in korte tijd gebeurt, maar het geeft niet per se aan dat er tijdsdruk is. 'Haast' impliceert vaak dat er weinig tijd is en dat je daardoor onder druk staat.

  • gehaast

    'Gehaast' is het bijvoeglijk naamwoord en beschrijft hoe iemand iets doet (bijv. 'gehaaste bewegingen'). Het is specifieker dan 'haast' en legt meer nadruk op de manier van doen.

  • dringend

    'Dringend' betekent dat iets meteen moet gebeuren, vaak omdat het belangrijk is. Het legt meer nadruk op het belang dan op de tijdsdruk.

Important notes

  • usage:'Haast' kan ook als zelfstandig naamwoord gebruikt worden, bijvoorbeeld in 'in alle haast' (in grote haast) of 'zonder haast' (rustig).
  • position:In combinatie met 'hebben' staat 'haast' bijna altijd direct na het werkwoord: 'Ik heb haast'. Andere posities zijn mogelijk voor nadruk, maar minder gebruikelijk.
  • register:In formele teksten wordt soms 'spoed' gebruikt in plaats van 'haast', bijvoorbeeld 'met spoed' in plaats van 'met haast'.
  • irregular:De vergrotende en overtreffende trap ('haastiger', 'meest haastig') worden niet vaak gebruikt. In plaats daarvan wordt vaak de basisvorm 'haast' gecombineerd met andere woorden, zoals 'meer haast' of 'het meest haast'.

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.