(over het lichaam en de verzorging ervan)
Mijn huid is droog in de winter.
Ze heeft een lichte huid en verbrandt snel in de zon.
Ik heb een gevoelige huid.
Smeer je huid goed in met zonnebrand voordat je naar het strand gaat.
Welke zin inspireerde dit schilderij?
(over dieren en hun uiterlijk)
De huid van een olifant is heel dik.
Slangen verliezen elk jaar hun oude huid.
De huid van een dolfijn voelt glad en zacht aan.
(over leer en dierlijke producten)
De jagers verkochten de huiden van de beren.
Deze tas is gemaakt van een echte koeienhuid.
Vroeger werden huiden gedroogd om er kleding van te maken.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.