Auxiliary verb
hebben
overgankelijk werkwoord (iemand schenkt iets in)
Het werkwoord 'inschenken' wordt vaak gebruikt in contexten waar vloeistoffen (zoals drankjes) in een glas, kopje of ander vat worden gegoten. Het kan zowel in formele als informele situaties worden gebruikt.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Examples
Kun je de limonade inschenken?
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij schonk gisteren de soep in.
verleden tijd, aantonende wijs
Ik heb de glazen al ingeschonken.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Schenk de koffie in, alsjeblieft.
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Het is belangrijk dat je de wijn voorzichtig inschenkt.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.