NEDERLANDS
🇬🇧

Kikkeren

VerbA2

Auxiliary verb

hebben

regelmatig werkwoord

'Kikkeren' betekent het observeren of zoeken naar kikkers, vaak als hobby of uit interesse in de natuur.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • Ik kikker graag in de lente, als de kikkers actief zijn.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij heeft vorig weekend urenlang gekikkerd.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Kikker jij ook weleens in het park?

    tegenwoordige tijd, vragende wijs

  • Als het mooi weer is, kikkert zij altijd in de vijver.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.