Verb
Auxiliary Verb
hebben
werkwoord
gebruikelijk in de context van aankopen en transacties.
Infinitief
Tegenwoordig deelwoord
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie
Verleden tijd
ik
jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie