NEDERLANDS
🇬🇧

Laag

AdjectiveA2

Attributive forms

Als je 'laag' voor een zelfstandig naamwoord gebruikt, verandert het vaak in 'lage'. Bijvoorbeeld: 'de lage deur' of 'een lage stoel'. Bij het-woorden kun je soms ook 'laag' gebruiken, zoals in 'een laag plafond'.

With definite article
With indefinite article
Without article

Predicative form

Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je altijd 'laag'. Bijvoorbeeld: 'De brug is laag' of 'Het water wordt laag'.

Comparative

Om te zeggen dat iets minder hoog is dan iets anders, gebruik je 'lager'. Bijvoorbeeld: 'Deze heuvel is lager dan die berg'. Je kunt ook 'lager dan' gebruiken om een vergelijking te maken.

Base form
With "dan"

Superlative

Als iets het minst hoog is van alles, gebruik je 'laagste' voor een zelfstandig naamwoord (bijv. 'de laagste tak') en 'laagst' na een werkwoord (bijv. 'Dit is het laagst').

Attributive
Predicative

Important notes

  • usage:'Laag' kan ook als bijwoord gebruikt worden, bijvoorbeeld: 'Hij vliegt laag over de huizen.'
  • spelling:In de stellende trap wordt 'laag' soms met een -s geschreven als het bij een het-woord staat (bijv. 'een laags plafond'), maar dit is minder gebruikelijk.

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.