Tegenwoordig deelwoord Hij loopt mijdend van de honden.
Zij is mijdende gevallen die gevaarlijk uitzien.
Tegenwoordige tijd ik
jij / je
Jij mijdt altijd onnodige conflicten.
u
U mijt het huis omdat het te duur is.
hij
Hij mijt de plek waar het ongeluk gebeurde.
zij / ze
Zij mijdt de gebieden die vol zitten met toeristen.
het
Het mijdt de felgekleurde vlaggen.
wij / we
Wij mijden de files op vrijdag.
jullie
Jullie mijden de gevaarlijke straten.
Verleden tijd ik
Ik meed de drukte vorig jaar.
jij / je
Jij meed vroeger altijd de grote groepen.
u
U meed het verkeer, dat was slim.
hij
Hij meed de moeilijke vragen tijdens het examen.
zij / ze
Zij meed de discussie die hen niets aangaat.
het
wij / we
Wij meden altijd bepaalde onderwerpen.
jullie
Jullie meden moeilijke situaties.
Voltooid deelwoord Ik heb altijd die situatie gemeden.
Gebiedende wijs Mijd de drukte in de stad!
Aanvoegende wijs Mijd de plaatsen waar je je niet prettig voelt, als het mogelijk is.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.