Attributive forms
Als je 'mistig' voor een zelfstandig naamwoord gebruikt, zeg je 'mistige'. Bijvoorbeeld: 'een mistige ochtend' of 'de mistige lucht'. Het woord verandert dus een beetje als het bij een woord hoort.
- With definite article
- With indefinite article
- Without article
Predicative form
Als je zegt hoe iets is, gebruik je 'mistig' zonder verandering. Bijvoorbeeld: 'Het is mistig' of 'Het wordt mistig'. Je gebruikt het na woorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven'.
Comparative
Als je wilt zeggen dat iets meer mistig is dan iets anders, gebruik je 'mistiger'. Bijvoorbeeld: 'Vandaag is het mistiger dan gisteren'. Je voegt '-er' toe aan het woord.
- Base form
- With "dan"
Superlative
Als je wilt zeggen dat iets het meest mistig is, gebruik je 'mistigst' of 'mistigste'. Bijvoorbeeld: 'Dit is de mistigste dag van de week'. Als het voor een zelfstandig naamwoord staat, gebruik je 'mistigste'.
- Attributive
- Predicative
Important notes
- usage:'Mistig' wordt vooral gebruikt om het weer te beschrijven. Het betekent dat er veel mist is, waardoor je minder ver kunt zien.
- spelling:In de overtreffende trap krijgt 'mistigst' een extra '-e' als het voor een zelfstandig naamwoord staat: 'de mistigste dag'.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.