Morgentjes
de/hetmorgen
Common nounde komende dag
- de periode na de huidige dag, de tijd van het begin van de dag totdat de middag aanbreektDe tijd morgen zal veel drukker zijn.
- de volgende kalenderdag, de dag die na de huidige dag komtDe calendertijd brengt ons naar dinsdag.
- een tijdsindicatie, vaak voor een onzekere periode in de toekomstDe toekomst is onbekend.
- het woord 'morgen' in de uitdrukking 'tot morgen', wat betekent dat je iemand later op de volgende dag weer zult zienMorgen is een nieuwe dag.
demorgen
Common nounde dag na vandaag
- de periode van tijd na de nacht, voor de middag, de eerste deel van de dagDe ochtend is fris en rustig.
- een tijdsaanduiding waarmee de komende dag wordt aangegevenIk heb een afspraak.
- een uitdrukking voor het zeker weten van iets dat zal gebeurenDe toekomst ziet er rooskleurig uit.
- diminutief van 'morgen', als in een schattige of zachte benadering van de ochtendHet morgentje is zo schattig.
morgen
Adverbde volgende dag
- de dag na vandaagDe tijd vliegt, want morgen is een drukke dag.
- eerder dan eeuwig, de toekomstDe toekomst lijkt vol mogelijkheden.
- toekomstige situatie of gebeurtenisDe gebeurtenis vindt plaats in het park.
morgen
Interjectioneen aanroeping
- groet die gebruikt wordt bij het begin van de dagMorgen! Ik ben blij je te zien.
- groet die gebruikt wordt wanneer men elkaar 's ochtends begroetEen informele groet in de ochtend voelt vriendelijk.